Sommige meditatievormen zijn gericht op het analyseren van gedachten,
andere hebben meer betrekking op de directe ervaring - elk type
ontsluit andere gebieden van het gewaarzijn. Analytische meditatie
is vooral bruikbaar voor het ontwikkelen van concentratie en. Analytisch
inzicht en mentale voorbereiding brengen ons echter maar tot een
bepaald punt omdat op een dieper niveau het begrijpen ophoudt. Begrippen
kunnen niet zonder de woorden en ideeën functioneren die deel
uitmaken van het verstand; wanneer het 'idee' ophoudt te bestaan,
blijft er alleen nog maar een soort directe zekerheid over die gebaseerd
is op ervaringskennis. Door het intellectuele en rationele los te
laten, komen we in contact met een diepere, subtielere energie die
we rechtstreeks ervaren.
Sommige mensen kunnen hun gedachten en emoties onmiddellijk loslaten
en komen tijdens de meditatie direct in de beleving van gewaar zijn.
Anderen kan het helpen dat zij eerst analyseren waar het om gaat:
welke relatie ertussen de meditator en de meditatie is, hoe die
relatie tot stand komt; wie de toeschouwer is, wie de ervaring interpreteert.
Hoe scherper deze analyse en hoe diepgaander het onderzoek. des
te sneller kunnen we open worden voor de meditatieve ervaring. Iedere
vraag die gesteld wordt, vergroot het inzicht en vermindert twijfel,
vragen en problemen. Als je vervolgens niet langer analyseert, wordt
meditatie uit zichzelf spontaan en direct.
Een heel goede beginnersoefening in analytische meditatie is
tellen hoeveel gedachten je hebt in een uur. Schrijf ze op en
verdeel ze in positief, negatief of neutraal. Bekijk gewoon hoeveel
gedachten er in een uur door je hoofd gaan. Doe dit minstens een
week, dagelijks.
Kies dan één gedachte en denk eraan zo lang als
je haar kunt vasthouden. Elke gedachte kun je hiervoor gebruiken,
positieve of negatieve. Hou haar zo lang mogelijk vast, laat haar
niet wegschieten. Met andere woorden: laat geen nieuwe gedachte
toe - concentreer je op die ene gedachte. Probeer haar niet te
beoordelen, te plaatsen of te onderzoeken; laat haar er gewoon
zijn. Wanneer de gedachte ophoudt en er komt een volgende, probeer
dan hetzelfde te doen . . . probeer steeds weer opnieuw te kijken
hoe lang je een gedachte kunt vasthouden. Doe dit vier of vijf
keer per dag.
Als je deze oefening hebt gedaan bekijk dan hoe je je verhoudt
tot de toeschouwer in je, dat wit zeggen degene die je gedachten,
ideeën en gevoelens bekijkt of herkent. Wie is de toeschouwer?
Je kunt zeggen dat je 'gewaarzijn' of 'intuïtie' toekijkt,
je 'bewustzijn' of 'subject' of degene die je 'mij' of 'ik' of
'ego' of 'zelf' noemt. Maar hoe is die 'ik' verbonden met de gedachte,
hoe werken ze samen? Wat zijn de verschillen en conflicten tussen
die 'ik en dat 'denken'?
Probeer deze vragen niet te analyseren maar onderzoek ze via de
ervaring. Hoe meer je je eigen ervaring bekijkt, des te directere
antwoorden zul je krijgen. Wanneer je de gedachte niet zorgvuldig
bekijkt, zul je merken dat je de ervaring een naam geeft of beoordeelt.
Als dit gebeurt kun je niet in contact komen met de diepere, subtielere
ervaringsniveaus en zullen je antwoorden oppervlakkig blijven.
'Ik' ben het 'subject' wil zeggen dat 'ik' beelden, gevoelens,
ideeën en herinneringen waarneem en ervaar. Hoe zijn die
'ik' en die 'ervaring' met elkaar verbonden? Als ze hetzelfde
zijn, hoe kan 'ik' ze dan zien of ervaren? Als ze niet hetzelfde
zijn, wat zijn dan de verschillen? Als het 'ik' een bepaalde 'ervaring'
heeft, wordt die dan rechtstreeks ervaren - zonder woorden of
beelden - of wordt er een naam aan gegeven en wordt ze beoordeeld?
Op het moment zelf van de ervaring is er niets te zeggen, te denken
of te benoemen. Er is niets tastbaars om in woorden of begrippen
te stoppen - zelfs de ervaring is er niet! Je kunt ontdekken dat
de ervaring zelf oplost, samen met al je problemen . . . en dat
wordt meditatie. Met andere woorden: als alle woorden, gedachten
en verbanden oplossen, blijf je gewoon in de ervaring - zonder
iemand die ervaart - zo lang als je maar wilt.
Probeer niet een idee te formuleren over hoe deze 'ervaring' zou
moeten zijn; denk er zelfs niet aan dat je zit te mediteren of
iets ervaart. Laat de ervaring gewoon maar toe zonder je druk
te maken over wat er gebeurt of hoe het gebeurd is; het is niet
nodig dat je de ervaring aan jezelf terug rapporteert omdat er
geen zelf meer is. Als je van een bepaald woord of beeld dat opkomt,
denkt: 'Dat is goed', of 'Nu begrijp ik het', moet je de gedachte
opnieuw bekijken, tot je niets meer te zeggen of te verklaren
hebt.
Ook een ervaren meditator heeft misschien jaren zitten mediteren
voordat zijn geest bevrijd is van de eindeloze reeks gedachten.
Door nauwkeurige aanwijzingen te krijgen, kunnen we veel kostbare
tijd besparen. Zonder gedetailleerde kennis van atoomenergie kunnen
we eeuwenlang proberen een explosie te veroorzaken. Maar met de
juiste kennis over atoomenergie kunnen we misschien snel en zonder
moeite een kernreactie ontketenen.
De geheime 'formule' of het 'pad' dat tot een hogere vorm van
meditatie leidt is: je met niets identificeren, geen standpunt
innemen en je aan niets vasthouden terwijl je mediteert. Wanneer
we eenmaal weten hoe we rechtstreeks de meditatie binnen kunnen
gaan, kunnen we snel boven het gewone denkproces uit stijgen en,
met de juiste begeleiding, kunnen we veel levens met negatief
karma in korte tijd veranderen. Deze 'geheime' kennis over meditatie
wordt een onuitputtelijke inspiratiebron. We zijn dan 'zonder
middelpunt', geen subject, geen object en niets daartussenin -
niets om ons uit ons evenwicht te brengen.
Meditatie stijgt boven tijd. zintuigen en subject-object-relaties
uit. Door boven deze drie uit te stijgen, brengt meditatie ons
verder dan het intellectuele of rationele bewustzijnsniveau. Het
is alsof je door een scherm kijkt; aan de ene kant van het bewustzijn
is alles wat bestaat gedachten, emoties, negativiteit en onze
leefpatronen; aan de andere kant is een heel fijn energieniveau
een diep meditatieve toestand.
(Uit "Leven
in Evenwicht"
van Tarthang Tulku)

|